schrijf!

T & R jrg. 2002 aflev. III
terug

REKENEN

 


TAAL

De onvolledige zin

In de vorige T & R bespraken wij de oplossing van een probleem, dat voor sommigen, waarvan je zou verwachten dat ze beter zouden weten, onoplosbaar lijkt, nl. d, t of dt aan het eind van een werkwoordsvorm, en als ze de door ons beschreven handelwijze in de praktijk toepassen, kunnen ze zich weer zonder frustaties in het maatschappelijk verkeer begeven. Maar er zijn taalkundig mr problemen, hoewel niet zo nijpend als de zoven geschetste moeilijkheid.

Wij hebben eens een collega gekend, die door zijn chefs zr hoog werd geschat. Niet door ons overigens, want de collega bezigde zinnen als "Hun verdienen meer als ons", waarmee hij bedoelde: "Zij verdienen meer dan wij". Dat "hun" geen onderwerp kan zijn en "als" dan moet wezen, zijn zulke standaardfouten dat iemand, die enigszins onderlegd is, ze wel niet zal maken. Neen, wij bedoelen ons/wij, want dat is nog zo eenvoudig niet. De aangehaalde zin is een zgn. onvolledige zin. Als we die verlengen tot "Zij verdienen meer dan ons/wij verdienen", valt het foute "ons" onmiddellijk op. Er ontbreekt een werkwoord. Neem eens de volgende zinnen:

"Had hij evenveel boeken als mij gehad, dan had hij ze wel geraadpleegd."
"Iemand als jou zullen ze het niet durven vragen."
"Hij vond mijn besluit even gek als mijn vader."

De problemen zitten kennelijk in zinnen die iets vergelijken of toetsen. In de eerste zin moet "mij" "ik" zijn. De volledige zin luidt: "Had hij evenveel boeken gehad, als ik had gehad ..." In de volledige zin zou "mij" direct opvallen, temeer daar "gehad" (hoort bij "hij") in de onvolledige zin nog achter "mij" staat. Had er gestaan: "Had hij evenveel boeken gehad als mij ...", dan was de fout eerder gesignaleerd.

De tweede zin kan worden uitgebreid tot: "Iemand die is zoals jou/jij bent .... " en moet dus zijn: "Iemand als jij ....".

De derde zin komt uit een boek van Jaap Harten ("Madame Tussaud in Berchtesgaden") en is vanwege de curiositeit opgenomen. Wordt de vader of het besluit gek gevonden?


T & R's Raadsels

Oplossing vorig Raadsel:

Verknip het stuk volgens de aangegeven dikke zaaglijn. De twee stukken kan men dan zodanig aan elkaar passen, dat in het midden een uitsparing van 1 bij 8 ontstaat, waar het derde stuk in past; de gehele figuur meet dan 9 x 12.

T & R's Raadsel voor deze keer:

Bewijs, dat er in Nederland ten minste drie personen rondlopen met hetzelfde aantal haren op hun hoofd.